Geschiedenis

Het Brunssumdamtoernooi door de jaren heen
Het idee om een Brunssumdamtoernooi te organiseren ontstond in 1977 in de koker van damvereniging De Ridder. Henk Stoop, Juul Meesters en voorzitter Toon Pierik waren de grondleggers van wat zou uitgroeien tot een van de grootste toernooien in de damwereld.

In 1978 ging het eerste toernooi van start. De formule: charter zes talentvolle Limburgse jeugddammers en laat die in een rondtoernooi uitkomen tegen leeftijdsgenoten uit de nationale damtop. Maria Meesters, de echtgenote van good old Juul, zorgde voor onderdak voor (drie??) niet-Limburgse deelnemers.
Het toernooi werd een grandioos succes al was het programmaboekje nogal sober van uitvoering. Toine Brouwers pakte de eindzege, maar Limburg speelde een rol van betekenis. Het toernooi zou een vervolg krijgen, dat besluit stond na afloop van het toernooi vast. 

Het in alle eenvoud in eigen beheer uitgebrachte en voor slechts twee gulden verkrijgbare gestencilde uitslagenboekje, zorgde voor een historisch verslag van dit eerste toernooi. Dat vastleggen van de partijen zou gedurende alle vervolgtoernooien (behalve dat van 1979) blijven gebeuren. Aanvankelijk in gestencilde a4-vorm, later met wat meer professionele inbreng als boekwerkje op a5-formaat, en daarna weer als invoer voor computerprogramma's. 

Omdat in 1979 de financiele middelen beperkter waren werd het toernooi in een afgeslankte vorm gespeeld, maar wat heet afgeslankt. De formule van 1978 werd gekopieerd, alleen het deelnemersveld telde nu uitsluitend Limburgse namen. Het zij zo. Hans Ladage, hij zou later drie keer op rij Limburgs kampioen bij de senioren worden, greep de eerste prijs. 

De naam Brunssumdamtoernooi was gevestigd. Steeds meer mensen kregen de kriebels, en wilden ook wel eens iets van de sfeer proeven. In 1980 waren er 20 deelnemers, op een enkeling na allemaal uiit de regio, maar in 1981 werd de inschrijving helemaal vrij. En dat stuwde het aantal deelnemers omhoog. De eerste jaren nog bescheiden, maar dat zou spoedig veranderen. 

De deelnemers verbleven intussen niet meer bij particulieren, maar op de camping de Hitjesvijver, met dank aan de beheerder Ger van de Akker. 

Het evenement groeide en groeide. Henk Stoop had in die jaren de touwtjes stevig in handen en dat was aan van alles en nog wat te merken. Tijdens het dammen maar ook op de camping hield hij van een strakke lijn en dat had succes. Niemand werd aan zijn lot overgelaten, zeker de jeugd niet.

De formule die in Brunssum werd gehanteerd sloeg allerwegen aan. In Nijmegen zocht en vond Frans Kalsbeek, Limburger van huis uit, damvrienden om iets soortgelijks van de grond te krijgen. Het Rondje Goffert werd geboren. Rabenhaupt in Groningen volgde spoedig daarna en daarbij zouden er later vele volgen. De formule mocht dan wel van Brunssum gekopieerd zijn, elk toernooi kreeg, en heeft dat nog, een eigen identiteit. Een vergelijking tussen toernooien is dan ook niet echt mogelijk, misschien niet eens gewenst. 

In 1985 kende het hoofdbestuur van de KNDB het toernooi schoorvoetend het predikaat Open kampioenschap van Nederland voor het eerst toe. Henk heeft zich hiervoor vele jaren sterk gemaakt en het besluit van het KNDB-bestuur is achteraf een gouden greep geweest. Toen in 1987 Brunssum voor de derde keer op rij het Open KvN kreeg toebedeeld werd een puntensysteem bedacht waardoor ook andere toernooien zouden kunnen meedingen (vies woord) om dat predikaat te verwerven. Ook deze greep bleek een gouden greep. KNDB-bestuurder Douwe de Jong heeft hier behoorlijk bestuurlijk voorwerk verricht. 

Intussen was in Brunssum bij De Ridder op bestuurlijk gebied het een en ander gewijzigd. Toen Symon Elzinga de voorzittershamer overnam betekende dat meteen dat hij betrokken werd bij het toernooi dat zo onlosmakelijk met zijn club verbonden was. Het gezamenlijk gebruiken van het diner, voor wie dat wilde, werd door heel veel jeugdige dammers (en hun ouders) hogelijk gewaardeerd. Symon en zijn vrouw Jelly wisten hier wel weg mee. Zij drukten op de hen eigen manier hun stempel op het toernooi.

1986 was het jaar van het befaamde zakdambord-incident. Arbiter Roel Küppers, ja toen al was hij erbij, zou er een radiodebuut aan overhouden. Zijn huidige kompaan arbiter Ludy Brink was in die jaren nog een trouwe deelnemer aan het toernooi, maar toen het aantal deelnemers gestaag groeide werd Ludy benaderd met het verzoek of hij samen met Roel als arbiter het toernooi zou willen leiden. Het duo is intussen zo op elkaar ingespeeld dat er in Brunssum geen andere arbitrale combinatie meer denkbaar lijkt.

In 1987 werd bij de sluiting van het toernooi door Symon Elzinga meegedeeld dat het tiende toernooi een mooie afsluiting zou vormen voor een lange reeks van toernooien. De deelnemers lieten deze opmerking gelaten over zich heen gaan.
Het toernooi was al die jaren een toernooi van De Ridder geweest. Men wilde ook niet anders. Nu de club (stimulerende kracht achter het geheel Henk Stoop woonde intussen al jaren niet meer in Brunssum) het voortbestaan niet meer zag zitten, werd een periode afgesloten. 
Achter de schermen ontstond in de wintermaanden van 1988 vanuit de Limburgse dambond een werkgroepje dat zich tot doel stelde te onderzoeken of een wederopbloei van het toernooi mogelijk zou zijn. PLDB-voorzitter Ber ten Haaf zocht, en vond, enkele medestanders onder wie, ja wel Symon Elzinga, en enkele maanden later werd Brunssum'88 aangekondigd. Voor de buitenwacht kwam er weer een toernooi alsof er in 1987 helemaal niets gebeurd was. Overigens heeft de PLDB heel bewust nooit een vaste relatie met het Brunssumtoernooi gekend, ondanks dat velen dit gezien de personele bezetting van het comité verwachtten.

1988 werd een bijzonder toernooi: voor het eerst verschijnen er dammers uit de voormalige Sovjet-Unie in Brunssum. Helaas werd dit gegeven overschaduwd doordat een vrij onschuldig ogend incident in de media behoorlijk overtrokken voor nogal wat negatieve publiciteit veroorzaakte.

In 1990 vond het dertiende toernooi plaats. Voor de zwartkijkers en de pessimisten: het zou het absolute topjaar van Brunssumdammen worden. De deelnemerslijst mocht er zijn: uit alle windstreken kwamen de deelnemers naar Brunssum toe. De muur was intussen gevallen en dat had zijn weerslag op het deelnemersveld. Tzjizjov, Koeperman, Tsjegoljew, Gantwarg om er slechts enkele te noemen.

Symon Elzinga was in die tijd behoorlijk aktief voor, tijdens en na het toernooi. Bij de Elzinga's werden alle bijeenkomsten van het organsiatiecomité gehouden en dat waren er heel veel. 
De inbreng van de gemeente Brunssum, toch altijd een steun in de rug, ging dat jaar zelfs iets verder dan gebruikelijk. Met de persoonlijke inzet van de bestuurderen kwam er een sponsor, Fair Play Centers. De vier jaar dat deze firma het toernooi financieel adopteerde gaven het evenement een status waarop de organisatoren, terecht denk ik, trots waren. Dat de bekende speellokaliteit het Romboutscollege ingeruild moest worden voor het Cultureel Centrum D'r Brikke Aove droeg daar in hoge mate toe bij.

Er werden vlaggen van de deelnemende landen in de speelzaal opgehangen, en Symon, de nuchtere Fries, vond dat daar ook de Friese vlag bij hoorde. Het wekte enige hilariteit, maar hij kreeg zijn zin.

In 1992 werd de Kroongroep geintroduceerd. Een apart rondtoernooi voor de echte toppers, met een aparte prijzenpot. Het werd een succes, en dat ging gelukkig niet ten koste van de publiciteit voor het gewone toernooi. Er kwam een heuse perschef in de persoon van Piet Lauwen, later Henk Fokkink (of was het juist andersom?). Toen ontstonden de niet meer weg te denken dagelijkse uitslagenbulletins.

1993 werd opnieuw een hoogtepunt voor de Brunssumtoernooien maar de lat werd toen wel heel erg hoog gelegd: het traditionele toernooi, een Kroongroep en het WK-voor dames en dat allemaal in één en hetzelfde gebouw. Toen diende zich het naderende vertrek van de Elzinga's naar hun thuisland zich aan. Begin 1994 verkasten Symon en Jelly naar Friesland, een zwaar verlies voor het toernooi. 

Intussen was Piet Kole, die Symon kende van de damlessen die Piet jaren eerder gaf aan de leerlingen op de school waar Symon directeur was, bij het organisatiecomité betrokken. Als ik weg ben moet jij de kar gaan trekken, was de duidelijke stellingname van Elzinga. En aldus geschiedde. In 1994 nam Piet, wat heet, de hele familie Kole, bezit van het toernooi, en dat is nog steeds zo. De hele familie Kole, en intussen ook de familie Verhoef, voorzover nog in Heerlen wonend, werkt zich enkele weken uit de naad om het toernooi te doen slagen.